Programmaboekje

Photo Patricia Kopatchinskaja © Marco Borggreve

Brussels Philharmonic & Patrick Hahn

An Evening with Patricia Kopatchinskaja

26.03.2025 — 19:15
Flagey
Voorwoord

Welkom op het 20e Klarafestival! 

 

Onder de noemer We Are Now brengt deze bijzondere verjaardagseditie een ode aan het hier en nu. Niemand stapt de magie van het moment zo onvervaard binnen als festivalartiest Patricia Kopatchinskaja. Waar en wat ze ook speelt, deze Moldavische violiste en componiste laat de vlam in de pan slaan. Elk concert is voor haar een nieuw begin, een vol ogenblik waarin alles nog kan gebeuren. Klarafestival 2025 schetst een veelgelaagd portret van Patricia Kopatchinskaja als violiste, componiste en inspirator. 

 

Ter ere van onze 20e verjaardag lanceren we een nieuwe traditie: één dag lang wordt de Kunstberg omgetoverd tot Muziekberg/Mont des Musiques. Naast concerten en voorstellingen op verschillende locaties houden we een nieuw ensemble boven de doopvont. Sound of Brussels Orchestra gaat op zoek naar de uitzonderlijke klank van Brussel. 

 

We leven in uitdagende tijden. Ook daar staan enkele festivalprojecten bij stil. Tegelijkertijd bewijzen ze hoeveel hoop er tussen de noten van een Stabat Mater of een Dies Irae kan schuilen. Hoe muziek ons kan beroeren en inspireren. Voor Patricia Kopatchinskaja is muziek geen abstracte materie: ‘Muziek is er om iets mee te doen. Ook wanneer ze geen concrete boodschap of functie heeft, appelleert ze aan ons. Ze wil gehoord worden. Ik geloof niet in absolute muziek. Niet écht.’

 

Laat het feest losbarsten! 

 

Joost Fonteyne, intendant

Jan Raes, voorzitter

Chantal Pattyn, nethoofd Klara

Programma

19:15 - Studio 1 *

 

Johanna Beyer (1888-1944) 

Percussion Suite 

I.

II.

III.


Edgard Varèse (1883-1965) 

Ionisation 

 

credits

Gert François, Bart Quartier – general direction 

Bart Bouckaert – musical direction (Ionisation) 

Laura Oliver López, Hui Chi Li, Rémy Gouraud, Silas Van den Spiegel, Gideon Van Canneyt, Xiaotong Wu, Luis Ramos Guëmes, Alejandro Rey Mendoza, Kalina Hristova, Pierre Bezard, Stijn Decuypere, Lou Nickels, Mathijs Lanckriet – percussion (Students from Koninklijk Conservatorium Brussel / Erasmus Hogeschool Brussel) 

 

* free upon presentation of a ticket for the concert at 20:00 - limited capacity


 

20:00 - Studio 4 

 

Igor Stravinsky (1882-1971)

Violin Concerto in D Major, W. 61 

  • Toccata

  • Aria I

  • Aria II

  • Capriccio 


Johann Sebastian Bach (1785-1750)

Sarabande from Cello Suite No. 5 in C Minor, BWV 1011  


Olivier Messiaen (1908-1992)

Les Offrandes oubliées. Méditation symphonique. 


PatKop (1977) 

A Play, for violin, cello and orchestra 

  • Stacking the Deck

  • Kinderlied (für Mihaela Ursuleasa)

  • Tuning 

  • Der Brunnen dort oben (...ein Glas klares reines Wasser für Peter Eötvös…)

  • Cadenza 

 

credits

Brussels Philharmonic – orchestra

Patrick Hahn – musical direction

Patricia Kopatchinskaja – violin

Anastasia Kobekina – cello 


 

21:45 - Studio 1 **

 

Film screening of Ursonate, after Kurt Schwitters 

A Dadaist sound poem filmed with four non-actors, creating absurd imagery through nonsensical scenes 

 

With musical interludes by Patricia Kopatchinskaja and Anthony Romaniuk: 

Igor Stravinsky

Introduction from Suite Italianne for violin and piano 


Giya Kancheli (1935-2019)

Rag-Gidon-Time  


John Cage (1912-1992) 

Nocturne for violin and piano 


Bohuslav Martinů (1890-1959) 

Jazz Etude for violin and piano 

 

credits 

Patricia Kopatchinskaja, Lucas Fierz, Reto Bieri – concept 

Patricia Kopatchinskaja, Reto Bieri, Annekatrin Klein, Anthony Romaniuk – acting musicians 

Hellerau, European Centre for the arts – coproduction 

 

** Tickets € 10 /  € 5 for ticket holders of the concert at 20:00

Programmatekst

Tijdreizen met Patricia Kopatchinskaja 

 

Eén avond lang nemen festivalartiest Patricia Kopatchinskaja en Brussels Philharmonic ons mee naar een bijzonder hoofdstuk uit de muziekgeschiedenis: de jaren 1930. In die woelige periode viel op artistiek vlak duizelingwekkend veel te beleven. Enkele van die mijlpalen passeren de revue in een triptiek van unieke concerten. Plaats van de actie: het schitterende Flageygebouw, dat in diezelfde periode werd ontworpen en ingehuldigd als een van de eerste omroepgebouwen van Europa. 

 

Varèse meets Beyer 

Voor de eerste halte van deze concertavond nemen Brusselse percussiestudenten ons mee naar de Verenigde Staten. Daar kwam in de jaren 1920 en ‘30 een beweging van avant-gardecomponisten op, met Henry Cowell als spilfiguur. Naast componisten als Carl Ruggles, Ruth Crawford en Charles Seeger maakte ook Johanna Beyer deel uit van dit milieu. Haar werk uit de jaren 1930 was bijzonder vooruitstrevend. Ze componeerde als eerste vrouw voor elektronische instrumenten, anticipeerde op naoorlogse ontwikkelingen als de minimal music en leverde een innovatieve bijdrage aan het percussierepertoire. In haar Percussion Suite is met name de ingetogen, stille behandeling van de instrumenten vernieuwend. Gebruiken andere componisten percussie vaak voor een explosieve sound, dan zoekt Beyer hier de subtielste klankschakeringen en resonanties van instrumenten als de basdrum, triangel en tamtam. 

 

Ook lid van de kring rond Cowell was de Franse componist Edgard Varèse, die sinds 1915 in de VS verbleef. Varèse stond bij uitstek bekend om zijn radicale vernieuwingen. Hij experimenteerde verregaand met ritme en klankkleur door percussie een centrale rol te geven en te werken met alternatieve instrumenten als de ondes martenot en de sirene. Varèse sprak zelfs niet over ‘muziek’; voor zijn werk verkoos hij de term ‘georganiseerde klank’. Zijn innovatieve geest is duidelijk hoorbaar in Ionisation voor 13 percussionisten. De titel verwijst naar het chemische proces van ionisatie, waarbij een atoom of molecule een elektron verliest of er een bij krijgt, en daardoor positief of negatief geladen wordt. Iets gelijkaardigs past Varèse toe in zijn muziek: we horen enkele ritmische cellen die steeds uitgebreid, ingekort en gevarieerd worden. 

 

In de geest van Stravinsky 

Voor het centrale concert van deze triple bill bundelt Patricia Kopatchinskaja de krachten met Brussels Philharmonic. Samen presenteren ze een programma geïnspireerd door de Russische componist Igor Stravinsky. Voor de Eerste Wereldoorlog had Stravinsky in Parijs naam gemaakt met zijn vooruitstrevende composities voor de Ballets Russes. Vanaf 1920 grijpt hij terug naar klassieke voorbeelden (met een moderne twist), in een stijl die ‘neoklassiek’ wordt genoemd. In zijn Vioolconcerto in re groot oriënteert Stravinsky zich vooral op de barokmuziek, wat blijkt uit deeltitels als ‘Toccata’, ‘Aria’ en ‘Capriccio’ en het motorische ritme dat we vooral in het eerste deel horen. De manier waarop hij de instrumenten behandelt, is dan weer ondubbelzinnig modern. Zo laat hij de vioolsolist elk deel beginnen met een akkoord dat zich over meer dan twee octaven uitstrekt, waardoor Samuel Dushkin, voor wie Stravinsky het concerto schreef, het eerst nog onspeelbaar achtte. Toch ging Stravinsky in zijn concerto niet op zoek naar pure virtuositeit. Hij onderzocht eerder de klankmogelijkheden van de viool in allerlei verfijnde combinaties met orkestinstrumenten, waardoor de textuur vaak eerder aan kamermuziek doet denken. Ook hiervoor haalde Stravinsky zijn inspiratie uit de barok, meer bepaald bij het Dubbelconcerto voor twee violen en orkest van Johann Sebastian Bach. Om die invloed hoorbaar te maken, speelt celliste Anastasia Kobekina tijdens dit concert ook de ‘Sarabande’ uit Bachs Vijfde cellosuite in do klein. Deze langzame, statige dans in driekwartsmaat wordt gezien als een van de meest verfijnde delen uit Bachs bekende cellosuites. Uit dit contemplatieve deel blijkt opnieuw de verwantschap met Stravinsky: de ingetogen expressie doet denken aan het derde deel (‘Aria II’) van Stravinsky’s Vioolconcerto. 

 

In het Frankrijk van de jaren 1930 vinden we ook de jonge Olivier Messiaen terug. Zijn Les Offrandes oubliées is een vroeg werk, maar bevat al de kiem van de kleurrijke klankwereld en religieuze thematiek die zijn latere oeuvre zouden kenmerken. Inhoudelijk legt Messiaen in deze ‘symfonische meditatie’ wel andere klemtonen. Zou hij later vooral inzoomen op de redding die het christelijke geloof hem in het vooruitzicht stelde, dan staat hier de menselijke zondigheid centraal. Het werk bestaat uit drie secties. Op een treurende evocatie van Christus’ kruisdood volgt een bombastisch middendeel dat laat horen hoe de mens onder trompetgeschal in de afgrond van de zonde loopt. Het uiterst langzame slotdeel voor de strijkers laat de muziek volledig tot rust komen, als waren we in het hiernamaals. Opvallend is Messiaens orkestratietechniek, beïnvloed door zijn praktijk als organist van de Parijse Église de la Sainte-Trinité. Vaak behandelt hij verschillende instrumentengroepen als één geheel, die hij als een orgelregister volledig in- of uitschakelt.

 

Met A Play, een dubbelconcerto voor viool, cello en orkest van PatKop (pseudoniem van Patricia Kopatchinskaja als componiste), keren we terug naar het heden. PatKop schreef dit concerto voor zichzelf en celliste Sol Gabetta, met wie ze sinds lange tijd nauw bevriend is. Inspiratie vond ze dan ook in de intieme wereld van hun vriendschap. Zo knipoogt de speelse percussie naar Gabetta’s zoon (tevens Patkops petekind), die al sinds zijn jeugd gefascineerd is door slagwerk. Daarnaast brengen de laatste noten op de speelgoedpiano – een citaat van George Enescu’s Derde vioolsonate – een eerbetoon aan de overleden pianiste en gemeenschappelijke vriendin Mihaela Ursuleasa, met wie Kopatchinskaja die sonate regelmatig uitvoerde. Verder roept PatKop in de vijf delen van A Play de meest uiteenlopende beelden op. Zo stelt ze zich bij het eerste deel een geest voor die kattenkwaad uithaalt, en een circus in volle voorbereiding van een nieuwe show. Het tweede deel verklankt een gevecht met een monster dat een moeder niet naar haar kind laat gaan. Het vijfde deel is een reeks losse herinneringen, alsof we wakker worden uit een verwarde droom. 

 

Dada 

Patricia Kopatchinskaja besluit de avond met een muzikale vertoning van Ursonate, de film die ze baseerde op het gelijknamige klankgedicht van de Duitse dadaïst Kurt Schwitters. In het begin van de 20e eeuw experimenteerden kunststromingen als het Italiaanse futurisme, de Russische Zaumbeweging en vooral het dadaïsme met dit soort klankpoëzie. Zoals abstracte schilders uit die tijd, die kleur en vorm belangrijker vonden dan inhoud, koppelden dichters betekenis los van klank om tot een soort fonetische poëzie te komen. Schwitters, de centrale figuur in de dadabeweging van Hannover, schreef met zijn Ursonate zo’n nonsensicaal gedicht waarin de klank van abstracte lettergrepen centraal staat en elke referentiële betekenis verdwijnt.

 

De film Ursonate, after Kurt Schwitters wil het experimentele karakter van Schwitters’ gedicht, dat door de geschiedenis enigszins is afgezwakt, nieuw leven inblazen. Daartoe onderscheidt Kopatchinskaja vier delen in het gedicht, die Schwitters ook zelf benoemde. Ze komen overeen met vier klassieke muzikale karakters: het eerste deel is explosief en opgewekt, het tweede lyrisch, het derde militaristisch en driftig, en het vierde melancholisch. Die vier karakters worden vertaald naar evenveel personages in de film, vertolkt door Kopatchinskaja en drie collega’s-musici. Er is een levendige dochter, een flegmatieke zoon, een zwartgallige vader en een melancholische moeder. In de loop van de film zien we hoe de gezinsdynamiek tussen deze personages zich ontwikkelt en uiteindelijk al hun dromen en illusies in de kiem smoort. Tussen de delen door spelen Kopatchinskaja en pianist Anthony Romaniuk muziek van Igor Stravinsky, Gia Kantsjeli, John Cage en Bohuslav Martinů in dezelfde experimentele, speelse geest als die van Schwitters’ klankpoëzie. 

 

Robbe Beheydt

Biografie

[concert 1]

Bart Bouckaert

Bart Bouckaert studeerde aan het Koninklijk Conservatorium Brussel, waar hij Hogere Diploma's voor kamermuziek en slagwerk en de graad van Meester in de Orkestdirectie behaalde. Zijn voornaamste leerkrachten orkestdirectie waren Rob Casteels, Lucas Vis, Peter Eötvös, Arturo Tamayo en Peter Gülke. Nadien behaalde hij een doctoraat in de kunsten aan de Vrije Universiteit Brussel. Bouckaert dirigeerde orkesten en ensembles als het Asko Ensemble, Prometheus Ensemble, Het Collectief, Odysseia Ensemble, Belgian National Orchestra, Spoleto Festival Orchestra en het Nationaal Orkest van Litouwen. Momenteel is hij docent orkestdirectie en hedendaagse muziek aan het Koninklijk Conservatorium Brussel.

 

[concert 2]

Brussels Philharmonic

Het huidige Brussels Philharmonic werd in 1935 opgericht als symfonieorkest van de Belgische openbare omroep en is sinds 1998 een zelfstandige instelling. Het orkest resideert in Flagey en wordt sinds 2022 geleid door muziekdirecteur Kazushi Ono, met wie het de missie deelt om zowel het symfonische repertoire als hedendaagse muziek te delen met een groot publiek. Daarnaast heeft Brussels Philharmonic een voorliefde voor filmmuziek: het nam al verschillende soundtracks op en won in 2012 zelfs een Oscar met de muziek voor The Artist. Buiten Vlaanderen en Brussel speelde het orkest op internationale podia als Carnegie Hall New York, Philharmonie de Paris, Wiener Musikverein en Großes Festspielhaus Salzburg.

 

Patrick Hahn

Patrick Hahn is een Oostenrijkse dirigent, pianist en componist. Als dirigent maakte hij de afgelopen jaren internationaal naam op de grootste concertpodia en werkte hij samen met o.a. de Münchner Philharmoniker, Philharmonia Orchestra, London Philharmonic, Tonhalle-Orchester Zürich, de Wiener Symphoniker en het Concertgebouworkest. Daarnaast leidde hij operaproducties bij Nationale Opera & Ballet Nederland, de Bayerische Staatsoper, Semperoper Dresden, Opernhaus Zürich en Nieuw Nationaal Theater Tokio. Momenteel is hij muziekdirecteur van de Wuppertaler Bühnen und Sinfonieorchester en vast gastdirigent bij het Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks en Royal Scottish National Orchestra.

 

Patricia Kopatchinskaja

De Moldavische violiste en componiste Patricia Kopatchinskaja staat bekend om haar innovatieve concertprogramma’s, vaak met een theatrale insteek. Haar experimentele geest uit zich in originele benaderingen van het traditionele repertoire en een voorliefde voor 20e- en 21e-eeuwse muziek. Dit leidde dan ook tot samenwerkingen met hedendaagse componisten als Luca Francesconi, Michael Hersch en György Kurtág. Kopatchinskaja was eerder artist in residence bij o.a. Berliner Philharmoniker, Orchestre philharmonique de Radio France en Barbican Centre Londen. Ze maakte meer dan 30 cd-opnames, waaronder het album Death and the Maiden met Saint Paul Chamber Orchestra, dat innn 2018 een Grammy won.

 

Anastasia Kobekina

De Russische celliste Anastasia Kobekina studeerde in Moskou, Berlijn, Parijs en Frankfurt bij o.a. Jérôme Pernoo en Kristin von der Goltz. In 2019 behaalde ze de derde prijs van de Internationale Tsjaikovskiwedstrijd. Daarnaast kreeg ze op het Schleswig-Holstein Musik Festival in 2024 de Leonard Bernstein Award, een ondersteuningsprijs voor beloftevolle musici. Kobekina werkte samen met orkesten als Konzerthausorchester Berlin, de Wiener Symphoniker, Kremerata Baltica en BBC Philharmonic en met dirigenten als Krzysztof Penderecki, Omer Meir Wellber en Paavo Järvi. Daarbij stond ze in prestigieuze concertzalen als Concertgebouw Amsterdam, Tonhalle Zürich, Wigmore Hall en Lincoln Center.

 

[concert 3]

Patricia Kopatchinskaja

De Moldavische violiste en componiste Patricia Kopatchinskaja staat bekend om haar innovatieve concertprogramma’s, vaak met een theatrale insteek. Haar experimentele geest uit zich in originele benaderingen van het traditionele repertoire en een voorliefde voor 20e- en 21e-eeuwse muziek. Dit leidde dan ook tot samenwerkingen met hedendaagse componisten als Luca Francesconi, Michael Hersch en György Kurtág. Kopatchinskaja was eerder artist in residence bij o.a. Berliner Philharmoniker, Orchestre philharmonique de Radio France en Barbican Centre Londen. Ze maakte meer dan 30 cd-opnames, waaronder het album Death and the Maiden met Saint Paul Chamber Orchestra, dat innn 2018 een Grammy won.

 

Anthony Romaniuk

De Australische klavierspeler Anthony Romaniuk beweegt zich moeiteloos tussen verschillende muzikale stijlen en genres. Hij begon vanuit een fascinatie voor jazz, specialiseerde zich vervolgens in oude muziek en ontwikkelde zich sindsdien verder in o.a. improvisatie, indierock en elektronische muziek. Romaniuk is vast lid van Vox Luminis en werkte daarnaast samen met o.a. tenor Reinoud Van Mechelen, Australian Chamber Orchestra, Camerata Bern en de Deense indierockband Efterklang. Op zijn twee soloalbums, Bells (2020) en Perpetuum (2023), is telkens een breed spectrum van componisten vertegenwoordigd, van Byrd en Bach over Beethoven en Schubert tot Ligeti en Crumb, naast Romaniuks eigen werk.

Partners

Structural partners

Klara, KPMG

Event partners

Belfius, Interparking, Proximus

Cultural partners

Ancienne Belgique, Belgian National Orchestra, Bozar, Brussels Philharmonic, Flagey, Kaaitheater, Muntpunt, Passa Porta

Public funding

Nationale Bank, Nationale Loterij meer dan spelen, Stad Brussel, Visit Brussels, Vlaamse Gemeenschap

Media partners

BRUZZ, De Standaard, Knack, La Première, La Trois, Le Soir, Musiq3, Radio 1, Ring TV, Le Vif, VRT Eén, VRT Canvas, VRT Max

Festival suppliers

Daniel Ost, Drukkerij VD, Fruit at Work, Tarteletto, Victor Bozar Cafe

Patrons

Wim Bossens, Alex Brabers, Tania Seynhaeve & Jan Raes, Sophie Rutten

Advertentie Proximus